Deze website maakt gebruik van cookies. Voor meer informatie over welke cookies en hoe wij deze gebruiken, kijk op onze cookie-pagina. Hier kun je tevens je cookie instellingen aanpassen. Naar de cookiepagina

Breadcrumb

25 september | door Bodil de Jong, Linde Candido en Nynke Faber uit 3F

​​​​​​​Om 9 uur ‘s ochtends, op een doorsnee dinsdag in Kaagdorp, gebeurde er iets merkwaardigs op de parkeerplaats achter Brasserie Matt’s. Er verzamelden zich grote groepen kinderen en begeleiders. Ze waren allen gekleed alsof ze een tornado verwachtten. Dit was niet het geval. Het was de watersportdag van klas 3.

Eerst moest er zo’n 100 man op een pont geladen worden. De boot lag ongebruikelijk diep in het water maar iedereen haalde het naar de overkant, behalve het banksaldo van mevrouw Konradt, waarmee de overtocht betaald moest worden. De hele stoet wandelde naar de Watersport Academy, werd vriendelijk begroet door de instructeurs, en de dag kon beginnen!

Na een korte inleiding door de instructeurs van de watersportschool, werd de verdeling van de activiteiten onthuld. Er waren zeven verschillende activiteiten:

  • Waterskiën
  • Suppen
  • Suppolo
  • Kanoën of misschien toch kajakken
  • Mini G zeilen
  • Valk zeilen
  • Botter zeilen

Er was in de ochtend een ronde van drie uur, en na een middagpauze nog een. Iedereen deed dus twee verschillende activiteiten.

Het grote spektakel van de watersportdag was zeker de activiteit waterskiën, voor velen een onbekende vaardigheid. Na eerst een algemene uitleg kon het skiën beginnen. Blijven staan op het water was een hele opgave. Velen vielen dan ook, maar na een paar pogingen lukte het toch veel kinderen om een tijdje te blijven staan.

Een andere merkwaardige activiteit was suppolo. Dat is een vorm van polo, die wordt uitgevoerd vanaf een sup. De peddel die je gebruikt bij het suppen kan gebruikt worden om een bal te pakken en te gooien. Dit onderdeel werd gespeeld als wedstrijd tussen twee teams. Het schijnt erg moeilijk te zijn geweest, maar wel vermakelijk.    

Bij het kanoën, of misschien toch kajakken, werd een tocht gemaakt door de kleine kanaaltjes van de kaag. Er waren ook interactieve bruggen en mooie woonboten. Alles was goed en wel, totdat op het laatste stuk de wind draaide en in tegenwind veranderde. Dit was vrij vermoeiend en dus moesten de arme kindjes getrokken worden door de instructeur in zijn snelle bootje.

Er werd die dag ook veel gezeild. Er waren drie verschillende varianten.

Tijdens het mini G zeilen zit je in je eentje in een kleine boot en stuur je met je voeten. Eerst werd geleerd hoe je overstag moet gaan en hoe je moet gijpen. Daarna werd er met de hele groep een tochtje gemaakt. Er waren heel veel kleine bootjes, en dat zag er grappig uit.

Je kon ook zeilen in een boottype met de naam Valk. Daar voer je in met een groepje van rond de vijf kinderen, en een instructeur. In de Valk werden grote afstanden afgelegd, en iedereen kon meehelpen met het besturen van de boot. Daarnaast was er ook nog ruimte om gezellig te praten.

Bij het botterzeilen zat je met zijn allen op een grote houten boot. Er waren een paar dingen die je kon doen, bijvoorbeeld sturen of de zwaarden bedienen. Wij hebben vernomen dat het laatste zwaar werk was, maar dat je daarnaast ook gewoon kon genieten van het uitzicht.

Terwijl de kinderen aan het bibberen waren van de kou, kwamen de instructeurs soms langs in knalrode plastic motorbootjes. Hoewel de kinderen veel plezier hadden, haalde niemand het bij het enthousiasme van meneer Van Blijswijk, die de tijd van zijn leven had. Zeker toen hij aan het eind van de dag zijn leerlingen mocht trakteren op (door hem gefrituurde) frietjes. Dat ging er zeker in na een lange dag sporten. Nadat we weer het pontje hadden genomen (tot grote opluchting van mevrouw Konradt was de terugweg gratis) ging iedereen zijn eigen weg, terug naar huis, om op te warmen na deze vermoeiende, maar leuke dag.