In de onderbouw neemt het zelfstandig werken en leren, naast het samenwerken van leerlingen binnen de les, een belangrijke plaats in. We bereiden de leerlingen voor op de grote mate van zelfstandigheid die er in de bovenbouw van hen verwacht wordt. Juist bij gymnasiumleerlingen kunnen met de juiste begeleiding die vaardigheden worden ontwikkeld die nodig zijn voor zelfstandig studeren.
Op het gymnasium volgen leerlingen in de eerste drie klassen, net als op andere schooltypen, 32 lesuren per week, maar daarin zitten ook de uren Grieks en Latijn. Dat betekent dat er voor de andere vakken minder uren beschikbaar zijn, terwijl toch dezelfde einddoelen moeten worden gehaald. Het tempo ligt dus hoog en de leerlingen moeten meer zelf doen. In de bovenbouw volgen onze leerlingen de klassieke taal als extra studielast ten opzichte van het overige VWO. Bovendien brengen leerlingen in de bovenbouw vaak zelf een verzwaring aan door extra vakken te volgen.
Als leerlingen het gymnasiumdiploma hebben gehaald, moeten ze voldoende kennis en vaardigheden hebben om in het vervolgonderwijs actief en zelfstandig te studeren. We streven ernaar in ons programma en bij onze begeleiding rekening te houden met de verschillen in aanleg en belangstelling van de leerlingen.